De Schaal van Richter
Hoe kun je nu weten dat er een aardbeving is? Dat lijkt me duidelijk, dat voel je wel. Vroeger konden de mensen aan de dieren zien dat er bijna een aardbeving aan kwam. De dieren gingen zich dan erg onrustig gedragen en wilden vluchten. Maar als de mensen aan de dieren merkten dat er een aardbeving aankwam, dan was het al te laat. De mensen konden niet meer vluchten naar een veilig gebied.
Gelukkig hebben de geleerden nu een andere manier bedacht om te meten of er een aardbeving aankomt. Ze doen dit met behulp van een seismograaf. Hieronder zie je twee voorbeelden van zo'n seismograaf.

Dit apparaat meet de trillingen in de grond. Als je goed kijkt, dan zie je aan de bal een soort pen zitten, die op een rol papier schrijft. Als de bal hard beweegt, zie je grote bewegingen op het papier. Als de bal bijna niet beweegt, beweegt de pen heel weinig en zie je weinig beweging op het papier. Zo zien de geleerden hoe heftig de aarde beweegt.

Zo hebben de wetenschappers ontdekt dat een aardbeving een middelpunt heet. Dit middelpunt heet een epicentrum. Daar zijn de schokken het hevigst. Maar om het epicentrum heen zijn ook allemaal trillingen te voelen. Deze trillingen zijn minder zwaar. Hoe verder je van het epicentrum afkomt, hoe minder de trillingen te voelen zijn.
Het werkt eigenlijk hetzelfde als een steentje dat je in het water gooit. Op de plaats waar het steentje terecht komt, komt er wat water omhoog, maar rond dat midden zie je allemaal rimpels in het water verschijnen. En hoe verder je van het steentje afkomt, hoe kleiner de rimpels worden.
Charles Richter was een Amerikaan. Hij was van beroep seismoloog. Dit is een wetenschapper die aardbevingen onderzoekt. Hij leefde van 1900-1985. In 1935 bedacht hij een methode om de trillingen van de aarde goed op te meten.

Richter gaf de trillingen een cijfer. Net als jij een cijfer krijgt voor je repetitie. Weinig goed is een slecht cijfer. Alles goed is het hoogste cijfer. De aardbeving die het meeste trilt krijgt het hoogste cijfer. Als een aardbeving weinig trilling geeft, dan krijgt hij een laag cijfer. Het hoogste cijfer dat een aardbeving kan halen is geen 10, maar een 9. Het laagste cijfer is een 1. Hieronder zie je hoe de cijfers verdeeld zijn en wat ze veroorzaken met hun kracht.